Ik fiets door de stad. Rood licht. Ik rem en wacht tot het licht weer groen wordt. Naast mij staat een vrouw. Op het stuur van haar fiets zit een vrolijk jongetje dat mij onafgebroken aanstaart. Ik lach naar hem en zwaai. De vrouw volgt de blik van haar zoontje. ´Sorry hoor, zegt ze, het is een echte vrouwenversierder´. Ik lach en zeg: ´nee, hij kijkt vast naar m´n oorbellen´.´Nee, echt waar, hij kijkt alleen maar naar mooie vrouwen!´, zegt de vrouw. Ongelooflijk, zo klein en al zo met vrouwen bezig! Lijkt het maar zo, of zit het flirten gewoon ingebakken bij mannen?
Dat zelfs kleine jongetjes kunnen flirten was nieuw voor mij, van de jongens die inmiddels volwassen zijn wist ik het al langer. Ik heb het alleen vaak zelf niet door. Als ik door de supermarkt loop en ik vang de blik van een man, kijk ik gauw de andere kant op. Ken ik hem ergens van? Hoezo kijkt hij zo? Zit m´n haar raar? Of zit er mascara op m´n wang?
In het volgende gangpad zie ik hem weer. Hij kijkt naar mijn achterkant. Jeetje! Zit er iets op mijn broek? Gauw veeg ik met m´n handen over m´n billen. Thuis ga ik voor de spiegel staan om te bekijken wat er nu voor vuiligheid op me zit. Maar… niets! Dan pas heb ik ´m door… deze man zat me gewoon te bekijken. Er werd met me geflirt… Pfff. DUUUH!
Niet handig dus, als je dat niet doorhebt. Helemaal niet als je vriendinnen de techniek van het flirten wél beheersen. Op stap met deze vriendinnen gaat meestal als volgt: we komen de kroeg binnen, zoeken een plek, het liefst aan de bar en bestellen het eerste rondje drankjes.
En dan… nog vóór mijn vriendinnen hun eerste slokje bier hebben genomen, staat er een man voor hun neus. POEF! Als een duveltje uit een doosje. Waar die vandaan komt, geen idee. Ik heb nog geen man gezien. Ik was bezig met de jassen, onze plek én de drankjes. Hoe kan het dat al die mannen op mijn vriendinnen afkomen en niet op mij?
Stapavond na stapavond herhaalde dit scenario zich. Totdat ik mijn lieve vriendinnen eens ging observeren. En tussen het binnenkomen en het eerste slokje bier zie ik mijn vriendinnen zich transformeren tot ware roofdieren, op zoek naar een geschikte prooi. De haren naar achter geschud, borsten vooruit en hun wulpse blik ´aan´. Zo kijken ze om zich heen, scannen de omgeving op geschikte mannen.
Ze vangen de blik van een man. Kijken dan niet weg, zoals ik doe, maar kijken terug. Blijven de man aankijken. Net lang genoeg, zodat hij geïnteresseerd is en hij zeker weet dat hij geen blauwtje loopt als hij op haar afkomt. Wat hij een minuut later -uiteraard- doet. Ze kletsen even, totdat zij hem met een smoes weer afpoeiert. Ze heeft haar prooi gevangen en gaat door naar de volgende. Speelt
hard to get met de man waarmee ze net sprak. Hij begrijpt er niets van. Eerst had hij haar te pakken en nu… staat ze met een ander!
De mannen mogen het jagen dan uitgevonden hebben, vrouwen kennen de regels van de jacht als geen ander. Aantrekken en afstoten. Het blijft een dierlijk spelletje van de natuur. En de meesten spelen graag mee. Behalve ik. Ik sta aan de zijlijn. Ik weet nu hoe het spel gespeeld wordt en soms, héél soms, doe ik er ook aan mee. Want flirten, is dat eigenlijk niet gewoon een beetje naar elkaar kijken? Dat kan ik ook nog wel.
Meer lezen? Kijk op mijn
site!
© Romilde van Dongen
Stuur door
Dit is niet OK